“Beste allemaal, dit is de eerste keer dat ik zo’n interactieve lezing geef, dus alles kan misgaan”, grapt Marc Josten voorafgaand aan de lezing. Buiten de grapjes om heeft de lezing een serieuze ondertoon: hoeveel invloed heeft de media op ons referentiekader? In het kader van de tentoonstelling “Nieuws of Nonsens: #demediamindfuck” organiseert Beeld en Geluid een reeks expertlezingen. Marc Josten, hoofdredacteur van HUMAN, bijt de spits af met een lezing over mediahypes en pseudo werkelijkheid. De lezing is leerzaam, pakt je beet en doet je nadenken over de invloed van de media.

Josten begint over zijn favoriete boek: “Public Opinion” van Walter Lippmann. “In het boek stelt Lippmann de volgende vraag: ‘Hoe belangrijk is het om de rivieren met feiten zuiver te houden?’ Lippmann vertelt in zijn boek over een pseudo werkelijkheid die wij creëren.” Terwijl Josten dit vertelt kijken de meesten in het publiek nog vaag voor zich uit. “Ik zal jullie een citaat uit het boek voorlezen: ‘Zonder enige vorm van censuur is propaganda in de strikte zin van het woord onmogelijk. Om een ​​propaganda uit te voeren moet er een barrière zijn tussen het publiek en de gebeurtenis. Toegang tot de echte omgeving moet beperkt zijn, voordat iemand een pseudo-omgeving kan creëren die hij verstandig of wenselijk acht.’”

Aan de hand van voorbeelden uit de Nederlandse media laat Josten zien wat pseudo werkelijkheid inhoudt. Zijn eerste voorbeeld is het nieuws rondom de bultrug die in 2012 aanspoelde op Texel. “Het gaat om een fenomeen genaamd antropoformisme: je geeft het dier een naam, en iedereen hecht zich eraan”, vertelt Josten. Johannes maakte veel los onder de Nederlandse bevolking. Volgens experts was de bultrug niet meer te redden op de zandbank, waarna hij werd ingeslapen. Dit schoot bij veel mensen in het verkeerde keelgat, waardoor er massale terugslag ontstond. De inwoners van Texel organiseerden een stille tocht ter nagedachtenis van Johannes de bultrug.

Het tweede voorbeeld dat Josten geeft is de moord op Marianne Vaatstra in mei 1999. : “Volgens veel betrokkenen kwam de dader uit het nabij gelegen asielzoekerscentrum,” vertelt Josten, “waardoor politie, media en burgers massaal aandacht gaven aan de mogelijke theorie dat de moordenaar een asielzoeker was.” Een van de voorbeelden uit de media komt uit een column van Pim Fortuyn: “Een keel doorsnijden, dat is iets wat een Fries niet doet”. Zonder dat er sprake was van feiten, nam deze theorie de overhand in de media.

Het laatste voorbeeld dat Josten geeft is Project X Haren. Een 16-jarig Harens meisje wilde haar verjaardag vieren, maar zette de uitnodiging per ongeluk openbaar op Facebook. Het gevolg was dat duizenden mensen naar Haren kwamen, met slechte bedoelingen. Journalisten kwamen massaal op Haren af. Deze aandacht zorgde ervoor dat het verhaal veel groter werd gemaakt dan dat het in werkelijkheid was.

“Wat ik wil zeggen met deze voorbeelden, is dat de media een erg grote rol spelen in het bepalen wat wij als consumenten zien. Is de media verantwoordelijk voor de reacties van het volk? Wat doen wij er zelf aan om zo kritisch mogelijk naar nieuws te kijken? Ik hoop dat ik jullie hiermee aan het denken zet.”