Ineens doken ze overal op: de bordjes in het home-is-where-the-heart-is-genre. Ik weet niet precies waar die vreselijke hype is gestart - misschien wel bij Riviera Maison – maar een ding is zeker: in Nederland heeft er gedurende het afgelopen decennium een collectieve vlaag van verstandsverbijstering plaatsgevonden.

Als je nekharen na die quasi-inspirerende teksten nog niet overeind staan, wil ik nog wel een duit in het zakje doen.  Niet lang geleden stuitte ik in de Xenos op een bordje met de tekst: “In dit huis… hebben we plezier… maken we fouten… zeggen we sorry…” en dat gaat dan nog zo’n tien regels door met bemoeizuchtige “huisregels”. Ja, echt waar en ik heb ze ook in huizen zien hangen.

Nu zou je naar aanleiding van mijn analyse kunnen denken dat al mijn vrienden en kennissen hun huis ermee vol hebben, maar eigenlijk koester ik al jaren een stiekeme hobby. Al wandelende door de straten in Hilversum gluur ik graag bij huizen naar binnen, om te zien hoe andere mensen hun huis inrichten. Door de jaren heen heb ik de meest vreselijke dingen zien langskomen: glazen clowns, zwart-witfoto’s met een roodgekleurd detail, kroonluchters met een overdaad aan nepdiamanten, poppenreeksen met starende glazen ogen en opgezette dieren.

De meest smakeloze hype zag ik pas laatst: boeddhabeeldjes. Natuurlijk had ik ze al eerder gezien en ook steeds vaker, maar in en rondom het centrum van Hilversum bereikte het kortgeleden voor mij een hoogtepunt. In werkelijk elke winkelvitrine en iedere vensterbank was er een beeldje te vinden. Eens grijnzend naar de buitenwereld, dan weer met de rug toegekeerd. Toegegeven, ik heb gewoon al een lichte hekel aan alles wat massaal in huizen terecht komt. Maar ik vind de boeddhabeeldjestrend denk ik vooral zo storend, omdat die precies onderstreept hoe onwetend Nederlanders zijn als het over religie gaat.