Morgen is het dan eindelijk zo ver: eerste kerstdag. Al een jaar weten we dat deze geliefde feestdag eraan komt, maar toch stellen we de voorbereidingen uit tot op het laatste moment.

Over de Kerkbrink lopen mensen gehaast met tassen vol cadeaus. Fietsers rijden je bijna van je sokken onderweg naar de Gooische Brink en in de etalages van Primark, H&M en New Yorker hangen schreeuwerige glitterjurken. Bij de Albert Heijn is het dringen om de laatste kerststollen en gourmetschotels te bemachtigen.

De haast verplichte gezelligheid en het willen organiseren van een perfect kerstdiner werken velen op de zenuwen. Er zijn zoveel keuzes te maken: wat gaan we eten? Gourmetten? Of toch een driegangenmenu? Zijn er vegetariërs of mensen met allergieën? Welke wijn moet ik bij het hoofdgerecht schenken? Worden de gasten niet te dronken? Hoe houden we het gezellig?  Gaan we naar de kerk? Wie nodigen we uit? Wie zit naast wie? Wat doen we met oma? Wat moet ik aan? Moet ik cadeaus kopen? Kortom: hoe komen we de dagen zonder kleerscheuren door?

Compleet begrijpelijk dus dat je treuzelt met de voorbereidingen. Maar ik betwijfel of het de dagen vóór kerst gezelliger maakt. Desondanks trappen we er volgend jaar weer in: kerststress.