De stichting Hilversum, Pas Op! zet zich in voor het behoud van monumentale gebouwen in Hilversum. Atze Sytsma is voorzitter van deze stichting, een interview met hem.

Ik las dat u directeur bent geweest van Muziekcentrum Vredenburg en van het muziekgebouw aan het IJ, hoe bent u dan bij stichting Hilversum, Pas Op! terecht gekomen?

Dat heeft niet zozeer te maken met maken met mijn werk bij Vredenburg op het muziekgebouw aan het IJ. Ik woon al lang in Hilversum en ik heb zoals iedereen hier behoorlijk veel vrienden en kennissen en relaties. En zo ben ik bij Hilversum, Pas Op! gekomen. En misschien heeft mijn komst bij Hilversum, Pas Op! te maken met allerlei andere besturen die ik heb gedaan en dan raak je bekend als ervaren bestuurder en zo ben ik dan hier terecht gekomen.

Waarom vindt u het zo belangrijk om sommige oude gebouwen in stand te houden?

Nou, dat heeft twee redenen. Ten eerste er zijn dus soms hele mooie gebouwen waarvan volgens ons het zonde is als je dat niet meer kan zien. En ten tweede het is ook belangrijk om zo veel mogelijk van de geschiedenis te laten zien op een verantwoorde en goede manier en daarom is het belangrijk om de monumenten in stand te houden. De gemeente doet dat veel en ook heel goed maar het is ook handig dat er een stichting is in Hilversum die daar kritisch op toeziet. En af en toe de gemeente erop aanspoort om daar naar te kijken.

Hebben jullie dan ook een goede band met de gemeente?

Ja prima. We hebben afgelopen jaar heel goed samengewerkt met Nicolien van Vroonhoven ( voormalig wethouder). Ze had grote betrokkenheid bij de monumenten en als je dan zegt dat wij als monumentenstichting kritisch moeten kijken naar de opstelling van de wethouder en de gemeente kun je zeggen dat dat bij deze wethouder eigenlijk niet nodig was. Want ze had die betrokkenheid heel goed en daarom hebben we ook nauwelijk in de richting van de gemeente hoeven opereren omdat de gemeente uitstekend monumenten beleid voert.

En wat maakt voor jullie nou een gebouw een monument?

Het hoeft niet per se oud te zijn, het kan ook wel een hedendaags gebouw zijn. Maar het moet wel een hele mooie typerende architectuur hebben. Zo zijn we in Hilversum heel trots op de architectuur van Dudok maar behalve het hele bekende raadhuis zijn er in Hilversum veel objecten die door Dudok zijn ontworpen. Want hij was stadsbouwmeester. Maar er zijn ook nieuwere gebouwen zoals het GAK-gebouw en dat staat al een hele tijd leeg. Iedereen in Hilversum vind dat een heel lelijk gebouw maar voor de tijd dat dat gebouw gebouwd is had het een hele typerende architectuur. En nu gaat het toch verdwijnen terwijl het toch een hele monumentale architectuur heeft die eigenlijk zal moeten blijven bestaan. Maar bijna iedereen in Hilversum vind het een vreselijk lelijk gebouw en de gemeente heeft grootse plannen om het hele stationsterrein te herstructureren dus hebben we toch maar besloten om niet te gaan dwarsliggen om dat gebouw te behouden.

En als er in de toekomst iets met beeld en geluid zou gebeuren zouden jullie daar dan ook voor strijden?

Vermoedelijk wel ja. Er is nu nog helemaal geen sprake van dat dat wordt neergehaald, het zal nog heel lang blijven staan. Maar het is natuurlijk wel heel typerend, al staat het niet op de monumentenlijst maar daar zouden wij zeker willen behouden.

U had het net over de monumentenlijst, maar voor jullie hoeft een gebouw dan niet op de monumentenlijst te staan?

Nee dat hoeft niet per se maar aan de kant pleiten wij er wel voor dat alle mooie, typerende gebouwen hier dat die op de monumentenlijst komen. Je hebt twee soorten monumenten: rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten. En de gemeente heeft heel wat monumenten op de monumentenlijst gezet die een speciale beschermte genieten.

Jullie strijden ook ertegen dat bijvoorbeeld de tuin van een oud gebouw behouden moet blijven, maar houd dat niet de vooruitgang van de stad tegen?

Monumenten moet je goed in stand laten maar je moet ze ook goed restaureren want het is natuurlijk op zichzelf zonde dat monumenten op een dusdanig manier worden onderhouden dat ze niet meer bruikbaar zijn. En daarom moet je kunnen toestaan dat het op een goede manier wordt gerestaureerd.