Het Repair Café bestaat al een paar jaar in Hilversum: inwoners van Hilversum kunnen hun kapotte koffiezetapparaat fiets, of kleren gratis laten repareren in het Repair Café. Hier werken dertig vrijwilligers om alle spullen te maken. Miranda de Wit bracht het concept naar Hilversum en spreekt van een succes.

De Wit is druk bezig met de inschrijvingen van kapotte spullen in het Repair Café. Vrijwilligers repareren hier gratis allemaal soorten spullen. “Op televisie zag ik het Repair Café in Amsterdam, dat vond ik zo leuk dat ik dacht: goh, dat moeten we in Hilversum ook hebben. Vanuit Stichting Hilversum Verbonden ben ik met Versa Welzijn en nog een paar mensen om de tafel gaan zitten en toen zijn we het op gaan tuigen.” 

“Verbinding en sociaal is eigenlijk prioriteit, daarnaast een stukje duurzaamheid, en de reparatiekennis wordt onderhouden: we gooien een apparaat niet weg maar we gaan het repareren. De laatste jaren zijn er natuurlijk ontzettend veel fabrieken zoals Philips en dergelijke, die hebben alleen maar gefabriceerd om weg te gooien zodat mensen weer iets nieuws kopen. Toen dacht Martine Postma, de bedenker van het concept, toentertijd: ja dit kan niet, dit is belachelijk.” Postma bedacht het eerste Repair Café in 2009 dat plaatsvond in Amsterdam. Inmiddels zijn er overal ter wereld Repair Cafés. De Wit: “Vroeger werden alle televisies gerepareerd. Mijn ouders hadden een winkel in Hilversum en hadden toen vier mensen in de technische dienst, zij zaten de hele dag te repareren.”

De Wit vindt het sociale aspect van het Repair Café erg leuk. “Ik vind dit leuk voor de sociale contacten. Ik sta heel erg achter het principe van het Repair Café: duurzaamheid. Dus het niet weggooien terwijl het gerepareerd wordt maar dat komt omdat me dat met de lepel is ingegoten natuurlijk. Ik baal ervan dat als je iets koopt en je het na een halfjaar kan weggooien omdat het niet meer gerepareerd kan worden. Ik heb hier zelf mijn fiets en een scheur in mijn jas laten repareren.”

De Wit spreekt van een succes in Hilversum. “De vrijwilligers van het eerste uur, die zijn er nog steeds. En we doen het nu vanaf 2013 en we hebben een hele kern van vijftien die vanaf het begin er al bij zijn. Daarnaast is het leuk: je merkt dat mensen elkaar hier ontmoeten, dat is natuurlijk heel gezellig. Wat ook leuk is, is de kennisuitwisseling tussen vrijwilligers. Soms komen ze in de ochtend met problemen bij elkaar en gaan ze dat, met een kopje koffie, uitzoeken. We helpen en leren van elkaar, dat is heel leuk.

Miranda de Wit vertelt dat veel producten worden gerepareerd: Ik moet zeggen dat 85% van de dingen die we hier krijgen gerepareerd kan worden, de rest is écht kapot. Dan moet je denken aan iets afgebroken dat je niet meer kunt lijmen of dat er kortsluiting geweest is. We krijgen gemiddeld tussen de twintig en vijftig reparaties. We hebben één keer een topdag gehad, toen hadden we 65 reparaties, dat was echt gekkenhuis maar mensen bleven wel gezellig zitten wat zorgt voor contacten.”

In het Café lopen de vrijwilligers op zoek naar mensen en hun kapotte producten die overeenkomen met een nummertje. Vervolgens leggen de vrijwilligers uit hoe ze de spullen repareren. “We houden zo ook een stukje reparatiekennis intact. Soms komen er ook mensen die zelf een apparaat uit elkaar hebben gehaald en dan niet meer weten hoe het weer in elkaar moet. Die leren dat dan ook.”

Het laten repareren is helemaal gratis, wel kunnen mensen een vrijwillige bijdrage doen. “Daar maken wij de lunches van voor de vrijwilligers, doen we af en toe een borreltje mee met de vrijwilligers en we kopen er natuurlijk spulletjes van: naaigaren, soldeerdraad, lijm.”

“Voor mensen met een wat minder grote portemonnee is het Repair Café heel goed toegankelijk. We hebben hier heel veel mensen die hier komen om hun fiets te laten repareren die daar bij een fietsenmaker het geld niet voor hebben. Het is natuurlijk ook een sociaal aspect.”