Column

Op zondag 5 november verzamelen een groepje wat oudere Hilversummers zich bij wijkcentrum De Koepel. Tassen, dozen en stapels vol met typische zoldertroep worden binnengezet en zorgvuldig uitgestald over de kraampjes.

Ik ben in mijn leven op veel rommelmarkten geweest en ze zien er elke keer weer hetzelfde uit. Je ziet mensen die al jaren op de rommelmarkt staan en die speciaal spullen verzamelen om daar te verkopen maar er zijn ook wat mensen die hun zoldertroep verkopen. Die laatste groep moet hoognodig besproken worden. Oude spellen en boeken van de kinderen die het huis uit zijn worden zonder pardon verkocht. De meuk wordt al lang niet meer bewaard voor eventuele kleinkinderen.

Wat heeft dat ook voor zin? Al het speelgoed, van Barbie’s tot raceauto’s altijd maar bewaren op de stoffige zolder. Tegen de tijd dat kleinkinderen ter sprake komen is de nieuwste Ipad al weer uit en is er geen kind meer dat een pratende pop wil hebben.

Zonder te overleggen gaan de ouders naar de (digitale) rommelmarkt om daar het speelgoed te verkopen aan jan en alleman met jonge kinderen. Terecht. Maar stiekem word ik kwaad als mijn moeder ook maar iets van mijn oude speelgoed verkoopt, dat is namelijk van mij.