de Hilversumse Mieke van Zonneveld (30) is dichter, letterkundige, docent Nederlands en sinds 2018 uitgeroepen tot stadsdichter van Hilversum. Waar komt haar passie voor poëzie vandaan, op welke prijs is zij het meeste trots, wel boek ligt er op dit moment naast haar bed en nog zeven andere vragen die je altijd al over haar had willen weten.

Waar komt jouw passie voor poëzie vandaan?
Als mijn ouders mij vroeger naar bed brachten, lazen zij weleens rijmpjes voor. Dat vond ik als kind altijd erg leuk. Maar ik begon pas echt van poëzie te houden toen ik naar de middelbare school ging. In de derde klas lazen we soms een gedicht en dat sprak mij heel erg aan. Verder luisterde ik ook altijd naar de teksten van liedjes. Ik vind ook dat poëzie en muziek heel dicht bij elkaar liggen. Ik probeerde vroeger zelf liedjes te schrijven. Het is eigenlijk van muziek naar poëzie gegaan. Ik hou ook van poëzie die heel muzikaal is.

Hoe ziet jouw werk als stadsdichter eruit?
In principe schrijf ik per jaar minimaal acht gedichten. Onlangs was ik bij de dodenherdenking waar ik het gedicht ‘’Stemmen” had voorgedragen. Binnenkort komt het festival Iktoon voor amateurkunstenaars in het raadhuis. Bij de opening van dit festival lees ik een gedicht voor. Verder ben ik verantwoordelijk voor de invulling van De Avond van de Stadsdichter, eens per jaar. Tijdens dit evenement nemen onder andere middelbare scholieren het tegen elkaar op in een poëzie battle. Tot slot staan er ook nog Salons op de planning.

Wat is jouw mooiste voordracht als stadsdichter?
Het gedicht voor de Vredesweek, in september 2018, vond ik goed gelukt. Het was een kleine gelegenheid met een optocht met wat minder groot publiek. Gek genoeg zijn het juist gedichten die ik voor minder groot publiek heb voorgedragen, waar ik erg tevreden over ben. Bijvoorbeeld een gedicht over de mediastad. Dat was een kleine kritische noot over dat televisie en radio je aan de ene kant veel kunnen brengen, maar aan de andere kant ook het denken kunnen stoppen.

Wat is het eerste gedicht wat je als stadsdichter hebt geschreven?
Dat is het gedicht ‘’Esemble’’. Dat gedicht staat ook op een gevel van de school (International School Hilversum) waar ik momenteel werk. Ik heb dit gedicht samen met de leerlingen geschreven. Ik vroeg aan de leerlingen wat er zo bijzonder is aan onze school. Daarop kreeg ik het antwoord dat zij het leuk vinden dat veel mensen met verschillende culturen toch een eenheid vormen op deze school. Dit vergelijk ik met mensen in een orkest. Je speelt allemaal je eigen deel, wat samen een muziek stuk wordt. Vandaar dat het gedicht eindigt met: ‘’We zingen meerstemmig in tientallen talen een grenzeloos lied.’’

Je hebt veel prijzen gewonnen, maar wat is je dierbaarste prijs?
De laatste prijs, de Van der Hoogtprijs, heeft wel het meeste prestige. Deze prijs krijg ik pas in september uitgereikt, maar ik werd al in maart gebeld. De mensen die deze prijs voor mij hadden gewonnen zijn allemaal grote namen, dus dat is erg eervol. De Turing prijs, de eerste prijs die ik had gewonnen in 2013, blijft ook een hele bijzondere ervaring. Vanaf dat moment ging het heel snel. Toen kwam het dichten in een stroomversnelling.

Welk thema en/of onderwerp komt veelvuldig terug in je werk?
Voordat ik stadsdichter werd had ik een bundel uitgebracht bij uitgeverij Bezige Bij. Dat is veel persoonlijkere poëzie. Daar zitten hele andere thema’s in dan de gedichten die ik schrijf als stadsdichter, omdat die gedichten voor Hilversum geschreven zijn. Bij persoonlijke poëzie heb ik een minder specifiek publiek voor ogen. Ik probeer mijn stadsgedichten toegankelijk te maken, omdat bij voordrachten je het gedicht maar een keer hoort. Ik wil dat de mensen het ook in een keer begrijpen.

Op welk gedicht ben jij het meeste trots?
Dat verschilt een beetje per moment. Ik heb een paar gedichten geschreven over de tijd dat ik leukemie had. Bij voordrachten merk ik vaak dat die gedichten goed aankomen bij het publiek. Voor mijzelf zijn sommige gedichten dierbaar, omdat ze gaan over een bijzondere momenten.

Welk boek ligt op dit moment naast je bed?
Ik heb nu naast mijn bed Hannah Green met ‘’Ik heb je nooit een rozentuin beloofd’’ liggen. Het gaat over een schizofreen meisje die na een zelfmoordpoging wordt opgenomen in een psychiatrische inrichting. Ik heb het boek ooit van iemand gekregen en ben er nu eindelijk aan begonnen. Ik weet nog niet of ik er helemaal weg van ben.

Favoriete dichters/schrijvers?
Een van de beste dichters die Nederland ooit gekend heeft is Leopold. Dat is een eind 19e eeuwse dichter. Volstrekt uniek en heel muzikaal. Maar ook Menno Wigman. Hij was ook een bekende stadsdichter van Amsterdam. Zijn gedichten zitten heel goed in de vorm.

Mooiste citaat/wijsheid van een dichter?
Ik moet nu toevallig denken aan een Perzisch Katrijn van Leopold. ‘’Hij minacht mij, wiens eigen wezen min is, en hij vindt goed, die zelve goed van zin is, wie anderen bespreekt, bespreekt zichzelf, er komt niet uit de kruik dan wat erin is.’’