De vrouwelijke fractievoorzitter Marleen Remmers bemenst de enige vrouwelijke zetel in de GroenLinks-fractie van de Hilversumse Gemeenteraad. Volgens haar is het dan ook tijd voor een vrouwenquotum: “Ik denk dat het goed is om de groepen die een beetje een achterstand hebben, om wat voor reden dan ook, toch een beetje positief te discrimineren.”

Van de 37 raadzetels in de gemeenteraad zijn er slechts 15 bezet door vrouwen. Volgens Remmers zijn er wel net iets meer vrouwelijke factievoorzitters dan mannen, maar het is nog geen fiftyfifty in de gemeenteraad. “We doen het in de Hilversumse gemeenteraad wel beter dan het landelijke gemiddelde. Dat is volgens mij ongeveer 28 procent en wij zitten op 40 procent vrouwen. Net ietsjes beter.” GroenLinks heeft vijf zetels in de raad van Hilversum, waarvan Marleen Remmers de enige vrouw is. De linkse politieke partij had vorig jaar wel meer vrouwen op de lijst staan die ook omhoog zijn gestemd als gevolg van de actie: Stem op een vrouw. “De vrouw die als tweede op de lijst stond, heeft ervoor gekozen haar plek niet in te nemen”, vertelt Remmers, “En dat is heel jammer. Het moet volgend jaar echt beter”.

De vrouwelijke fractievoorzitter heeft in de afgelopen jaren gezien dat het aandeel vrouwen dat politiek actief is, is blijven steken. “Er zijn natuurlijk heel veel redenen te bedenken waarom dit zo is, maar eigenlijk snap ik niet waarom het zo lang duurt. Ik denk wel dat het tijd is om te gaan werken met een vrouwenquotum”, zegt Remmers.

Toen ze ongeveer twintig was heeft ze zich heel lang bewust beziggehouden met vrouwenemancipatie. Toen ze ouder werd zakte dit weg en richtte ze zich op andere thema’s totdat ze alle cijfers weer op een rijtje zag: “Het is eigenlijk heel raar dat het aantal vrouwen zo achterblijft. Niet alleen in de politiek, maar ook in het bedrijfsleven. En dan denk ik: het kan niet waar zijn. We moeten voor een versnelling zorgen, dus laten we maar beginnen met een quotum in de politiek”.

De lijsten van GroenLinks worden samengesteld met een blik op diversiteit, toch is Hilversum een beetje de uitzondering op de goede regel. “Tegelijkertijd hebben we drie mannelijke lijsttrekkers. Jesse Klaver, Bas van Eickhout en Paul Rosenmöller. Alle drie natuurlijk geweldige kandidaten, maar drie mannen is natuurlijk niet goed.” Remmers pleit er dan ook voor dat er bij de volgende lijsttrekkers eerder voor een vrouw of voor een andere vorm van diversiteit te kiezen is. Ik denk dat de nieuwe bestuursvoorzitter, Katinka Eikelenboom, daar ook veel werk van gaat maken. Dus aan de slag!”

Veel tegenstanders vinden het vrouwenquotum een discriminatie op basis van geslacht en de vrouwelijke fractievoorzitter snapt dat mensen dit misschien zo zien. “Soms heb je een maatregel nodig waarbij je mensen die net zo gekwalificeerd zijn als andere toch net even een streepje voor geeft. Ik denk dat het goed is om de groepen die een beetje een achterstand hebben, om wat voor reden dan ook, toch een beetje positief te discrimineren.” Toch denkt Remmers dat het quotum een tijdelijke maatregel is. Wanneer er binnen de politiek 50 procent man is en 50 procent vrouw zal die maatregel ook niet meer nodig zijn.

Wanneer er meer vrouwen in leidinggevende posities komen en op politieke plekken zullen zij volgens Remmers ongetwijfeld als rolmodel fungeren waardoor andere vrouwen ook eerder zullen proberen om de top te bereiken. Natuurlijk zijn er ook nadelen, zoals minder plekken voor mannen, maar volgens Remmers is dit een tijdelijke kwestie. De fractievoorzitter denkt dat het vrouwenquotum niet meer nodig is wanneer het aantal mannen en vrouwen in topfuncties gelijk is. “De ene keer heb je dan wat meer mannen in een raad, en de andere keer net wat meer vrouwen. Hierdoor zijn de nadelen ook maar tijdelijk.”

Alle vijfduizend Nederlandse bedrijven die onder de net verlengde Wet bestuur en toezicht vallen, moeten streven naar minimaal 30 procent aan vrouwelijke bestuurders en commissarissen. Dit streefcijfer wordt alleen niet gehaald. “De minister heeft nu gezegd dat ze misschien wel sancties gaat overwegen. Niemand wordt blij van sancties, maar aan de andere kant denk ik als we streefcijfers afspreken en keer op keer haal je die niet, dan moeten we op z’n minst even heel goed met elkaar in gesprek over waarom je die maar niet haalt. Want, sommige bedrijven die echt werk hebben gemaakt van het feit dat ze vrouwen aan de top willen, lukt het wel. En andere landen om ons heen lukt het ook. Die vrouwen zijn er dus ook echt in Nederland.” Remmers hoopt dat sancties vermeden kunnen worden, omdat niemand daar vrolijk van wordt.

Veel Europese landen zoals Noorwegen, Spanje, Italië, Frankrijk en onze buurlanden België en Duitsland hebben het vrouwenquotum al ingesteld. Waarom Nederland niet mee emancipeert, vindt Remmers een ingewikkelde vraag, “Ik denk dat het feit dat je in Nederland gemakkelijk deeltijd kan werken ook een hele grote rol speelt. Wat heel gebruikelijk is, is dat we één kostwinner hebben en dat de andere partner in deeltijd werkt. Vaak is de meestverdienende partner een man die fulltimer werkt. Ook vinden we het in Nederland heel belangrijk dat een ouder, meestal de moeder een grote rol speelt bij de opvoeding. Maar als je bijvoorbeeld kijkt naar Frankrijk daar is het veel gewoner en geaccepteerder om je kind de hele dag naar de kinderopvang te brengen waardoor zowel vrouw als de man fulltime kunnen werken. Dit zie je ook in de Noordelijke landen, waar mannen ook veel langer verlof hebben na het krijgen van een baby. We moeten het over de opvoeding en hoe we de zaken thuis regelen nog eens goed met elkaar hebben. En daar hebben we het niet zo snel over, want hoe jij de zaken thuis regelt, dat is aan jou en je partner. Maar tegelijkertijd vind ik wel dat het een van de redenen is dat de ongelijkheid in stand blijft. Hoe de zaken thuis zijn geregeld speelt een grote rol bij de mogelijkheid voor vrouwen om aan de top te komen.”

Volgens de GroenLinks-fractievoorzitter is het tijd om bindende afspraken te maken, zodat de streefcijfers minder vrijblijvend worden. “Niet onmiddellijk met sancties of boetes gaan strooien, want daar houden wij niet van. Ik denk ook niet dat het nodig is. Elke organisatie zal er de voordelen van gaan zien als er aan de top van een bedrijf ook diversiteit is: vrouwen, mannen en meer kleur. Dat is onze maatschappij. Dus kom op!”, vertelt Remmers. “Wij als GroenLinks moeten beter gaan zoeken naar geschikte kandidaten en dat moeten bedrijven ook doen. Ik denk dat de samenwerking binnen organisaties soms wel een beetje moeilijk kan gaan, omdat je standpunten hoort waar je zelf niet aan had gedacht, maar uiteindelijk zal het de kwaliteit van de besluiten gaan verbeteren.”

GroenLinks streeft niet alleen naar meer vrouwen in de fractie, maar streven ook naar veel meer diversiteit. Zo wil de linkse partij dat er ook meer gekleurde mensen politiek actief worden binnen de partij. Om ervoor te zorgen dat GroenLinks volgende keer genoeg vrouwen op de lijsten hebben staan, is de partij nu al begonnen met kijken welke vrouwen geïnteresseerd zijn om over drie jaar op de lijst te staan. Remmers vertelt: “Voordat je een beetje in de gaten hebt wat je moet doen in de gemeenteraad, is het wel raadzaam om eerst goed ingewerkt te worden. Niet alleen inhoudelijk, gezien de vele dossiers waar de gemeente mee bezig is, maar ook qua tijd: ben je bereid? Heb je voldoende tijd die je hierin wilt steken? En, als je ja zegt, committeer je je voor vier jaar. Dat is best lang! Interesse wekken bij vrouwen werkt beter als we hen persoonlijk benaderen. Daar gaan we dus ook nu al mee beginnen, zowel wij als fractie, als het bestuur van GroenLinks. En wat mij betreft gaan we niet alleen zoeken naar meer vrouwen op de lijst, maar ook naar Hilversummers met een niet-Nederlandse achtergrond. Ik hoop echt dat we over drie jaar met een mooiere, diverser samengestelde lijst kunnen komen.”