HILVERSUM – Edwin Göbbels is gemeenteraadslid in Hilversum. De 56-jarige D66’er zit sinds 2010 in de raad. Met zijn partij maakt Göbbels deel uit van de coalitie samen met de VVD, de SP en het CDA. In een gesprek praat hij over de ideeën van de D66, splinterpartijen, ledenaantallen en de interne besluitvorming op lokaal niveau. Ook de opkomst van het populisme blijft niet onbesproken.

Hoe kijkt u aan tegen de rol die de van oudsher belangrijke punten spelen binnen uw partij?
“Van de zogenaamde ‘kroonjuwelen’ van de D66 spelen referenda natuurlijk heel erg in de actualiteit. De gekozen burgemeester en de gekozen minister-president staan nog wel op de agenda van de partij, maar hebben niet meer de prioriteit die ze in het verleden gehad hebben. Het is dus iets breder geworden. Naar aanleiding van het Oekraïne-referendum ben ik wel gaan nadenken over referenda. Ik ben er nog wel voorstander van, maar het wordt steeds meer een instrument dat in handen ligt van populisten. Als D66 staan wij voor nuance en die nuance is momenteel zoek. Het is ja of nee tegenwoordig.  Misschien moeten we maar niet over alle thema’s een referendum houden. Daarnaast richten we ons als partij op onderwijs. Hier in Hilversum hebben we bijvoorbeeld de wethouder van onderwijs. Als je iets wilt, moet je namelijk bij de jeugd beginnen.”

Tegenwoordig komen splinterpartijen veel voor in de landelijke politiek. Wat vindt u daarvan en is dit iets wat op lokaal niveau ook voorkomt?
“Ik heb er geen moeite mee, want ik denk dat splinterpartijen ook horen bij de pluriformiteit en veelheid van meningen die we in Nederland hebben. Aan de andere kant heb ik er wel moeite mee als het een one-issuepartij is, want je moet breder zijn om iets bij te kunnen dragen aan de politiek. Op lokaal niveau komen afsplitsingen ook zeker voor. Het gebeurt gelukkig niet vaak, maar ik heb het dit jaar zelfs nog binnen mijn eigen partij meegemaakt. Dat is niet leuk, maar het gebeurt wel met een goede reden. Er zijn dan gewoon in de basis fundamentele verschillen en dan is het ook goed om te zeggen: ‘Oké, onze wegen scheiden.’”

Hoe kunt u verklaren dat de D66 de enige grote partij is waar het aantal leden nog steeds stijgt?
“Misschien door de aansprekende koers en het meebewegen met de tijd. Vooral veel jongeren zijn lid geworden en ik hoop dat zij zien dat wij ons niet door de waan van de dag laten leiden. Er is wel altijd een soort cyclische lijn in aantallen van leden. Dat komt door een houdbaarheidsdatum. En die houdbaarheidsdatum is opvallend genoeg in Nederland snel bereikt. We zeggen al snel dat iemand te oud is en dat we iets nieuws willen. Dat is ook te zien aan de hype rond GroenLinks-voorman Jesse Klaver.”

Hoe verloopt de interne besluitvorming op lokaal niveau?
“Wij zitten hier met de D66 in de coalitie samen met de VVD, het CDA en de SP.  In onze partij toetsen we of de elementen van de D66 gerealiseerd worden. Binnen de partij hebben we allemaal onze eigen specialiteit en dat gaat iets makkelijker binnen een grote partij. We bespreken als partij hoe we ergens over denken en dat kan ook tot meningsverschillen leiden met de wethouders. Zelfs met een wethouder van onze eigen partij, omdat hij handelt namens de coalitie en niet alleen namens de D66.”

Hoe kijkt u tegen de opkomst van het populisme aan?
“Populisme gaat al snel naar polarisatie en de D66 is eigenlijk een soort anti-polarisatiepartij. Ik vind populisme een onverantwoorde manier van politiek bedrijven. Populisme is vaak een soort paniekvoetbal. Overhaast dingen willen veranderen, maar niet goed nadenken over hoe dat kan. Wel blijf ik altijd vertrouwen op de redelijke mensen, maar we moeten beter communiceren om diegenen die willen polariseren de middelen uit handen te slaan. Het heeft namelijk jaren gekost om dingen op te bouwen en het kost niets om het helemaal te laten klappen. Dat vind ik heel jammer.”