HILVERSUM – Vele mensen kennen hem van kerkdiensten op TV: Kees van Velzen. Hij is inmiddels met pensioen, maar was een groot deel van zijn leven dominee in onder meer Huizen en Antwerpen. Daarnaast heeft Kees achttien jaar bij de Evangelische Omroep in Hilversum gewerkt. Zijn passie voor het geloof en de Bijbel is groot. Onze verslaggever sprak met hem over ‘zijn’ interpretatie en beleving van de Bijbel. Een bijzonder en vooral emotioneel gesprek volgde.

“De Bijbel is een groot en belangrijk deel van mijn leven. Het heeft me veel over het leven geleerd en hoe ik hiermee om moet gaan. Tegelijk is dit boek het meest geliefde en meest gehate boek ter wereld. In sommige landen als Noord-Korea is het zelfs dodelijk om ermee over straat te lopen omdat het in strijd is met de dictatuur die daar heerst. Dat is natuurlijk iets verschrikkelijks. De Bijbel is ook het meest geliefde boek ter wereld. Het is de bestseller allertijden en is vertaald in meer dan 1000 verschillende talen. Het belangrijkste hierbij is dat het begrijpelijk moet zijn voor iedereen, of diegene nou slim of dom is. Eigenlijk is de Bijbel een liefdesbrief van God voor de mensheid.”

Mooiste stuk
“In de Bijbel staan veel mooie verhalen en teksten, maar één spreekt mij het meest aan: Er was een man die een ziekte had met verschijnselen die op Lepra leken, een ziekte waarbij je huid er verschrikkelijk van gaat uitzien. Het gaat stinken en wordt ontzettend schilferig. De man kwam bij Jezus en zei: kunt U mij reinigen? Jezus strekte daarna zijn hand uit raakte de man aan. In de Bijbel stonden regels over deze ziekte, hoe daarmee om te gaan. Je moest bijvoorbeeld 50 tot 200 meter bij hem vandaan blijven. Dan staat in de Bijbel het volgende: ‘hij Jezus strekte zijn hand uit en raakte hem aan’. Dit is mijn favoriete zin uit de Bijbel, want dat laat God zijn bewogenheid zien. Dat God geen afstand neemt, maar iedereen accepteert hoe hij is. Het gaat om dat aanraken, hij had ook kunnen zeggen: ik genees je op een afstand. Maar dat aanraken is voor mij een teken dat het woord van God bedoeld is om mensen te helpen, te herstellen en mensen hoop te geven.”

Interpreteren van de Bijbel
“De Bijbel kan op verschillende manieren geïnterpreteerd worden. In de Bijbel staan bijvoorbeeld verhalen over Jezus dat hij over water kan lopen. Ik geloof echt dat Jezus over water kon lopen. Maar iemand anders kan denken: ‘hij beheerste al zijn emoties en angsten en het is spreekwoordelijk’. Ook zullen er mensen zijn die denken: ‘kijk naar Doornroosje of Hans en Grietje. Waarom zou dit geen sprookjesboek zijn? Mensen mogen dit denken en geloven, maar ik geloof dat hij dat echt kon. Dat Jezus echt over water kon lopen en dit ook echt gedaan heeft. God kan natuurwetten dusdanig veranderen dat die wonderen door hem konden worden uitgevoerd. Daarbij zegt de Bijbel over zichzelf: ‘de hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar mijn woorden zullen nooit voorbijgaan.’ ”

Hip?
“Ik denk dat de Bijbel redelijk hip is. Ik heb zelf ook een app die mij elke dag een ander stukje laat lezen. Ik vind de Bijbel hip omdat hij tegenwoordig ook in allerlei moderne talen te vinden is. Maar wat opvallend is, is dat jongeren zich ertoe getrokken voelen, ook al zijn ze niet gelovig opgevoed. Ze willen de drie grote vragen van de mensheid weten over zichzelf: Waar kom ik vandaan? Waarom ben ik hier? Waar ga ik heen? En de Bijbel geeft hier absoluut antwoord op. Veel jongeren weten niet waar ze vandaan komen, waarom ze hier zijn en waar ze naartoe gaan. Maar ik geloof dat ik leef voor God en dat Hij alles in gang heeft gezet en dit ook bewust heeft gedaan.”

Hoop
“Voor mij betekent geloven ook hoop houden. Ik kom heel veel mensen tegen die geen hoop meer hebben en dat emotioneert mij een beetje. Ik hoop dat andere mensen dit ook inzien. Ik heb nog steeds hoop voor deze wereld en voor iedereen. Eigenlijk heeft hopen alles met vertrouwen te maken. Dat is het bewijs van de dingen die je niet ziet. Iemand kan op een stoel gaan zitten en ‘vertrouwen’ dat die hem zal dragen. Dus eigenlijk is het hoop hetgeen dat mij elke dag draagt.”