In alle steden heeft een station een voor- en een achterkant, soms is die achterkant ook een “achterstandswijk.” Steden als Amersfoort en Utrecht deden er van alles aan om de stationsbuurt ook aan die andere kant te verfraaien. Hilversum probeerde al meerdere keren de wijk rond het Oosterspoorplein, aan de achterkant van het station aan te pakken. Nu het stedenbouwkundigplan in mei is goedgekeurd en het ernaar uitziet dat de gemeente de panden rond het Oosterspoorplein zal opkopen, is er eindelijk hoop op verbetering.

Bij de aanleg van spoorlijnen en stations in Nederland is veelal gekozen om het spoor rond de bestaande stad aan te leggen, later zijn veel steden verder gegroeid om het station heen. Lange tijd was het zo dat een station een voor- en een achterkant had. Het is een trend van de laatste jaren dat beide zijden van het station een volwaardig entree krijgen. Ruim dertig jaar geleden was er de eerste grote verbouwing van Hilversums station. Tijdens de tweede verbouwing was het voornaamste doel het verbinden van Oost en West, dit door middel van de fietsers- en voetgangerstunnel. “Helaas heeft deze tweede verbouwing niet de stedenbouwkundige spin-off gehad, die wel verwacht werd bij de aanleg van de tunnel,” aldus Wim Voogt, stedenbouwkundige van OKRA en supervisor voor de Hilversumse spoorzone.

De omgeving rond Utrecht CS onderging een transformatie, en zou wat dat betreft als voorbeeld voor Hilversum kunnen gelden. De westzijde van het station, de kant van het Jaarbeursplein, was jarenlang de achterkant. Het plein fungeerde alleen als doorgangsruimte tussen de Jaarbeurs en het station. Het was het vertrekpunt van internationale busreizen, het plein werd nauwelijks benut voor recreatie.

De gemeente Utrecht nam landschapsarchitecten in de arm voor de herinrichting van het plein. Aan het plein is een grote en moderne bioscoop gebouwd, er zijn onderhand restaurants en koffiebarretjes geopend en er zal een tijdelijk skatepark komen tot het nieuwe Jaarbeurspleingebouw er in 2020 gebouwd wordt. Het plein is een stuk populairder dan het tien jaar geleden was. De aangrenzende wijk, Lombok, is in de afgelopen jaren ook enorm opgeknapt. Toen in 1960 de eerste gastarbeiders naar Nederland kwamen, gingen er veel van hen in Lombok wonen. Die populatie is vergelijkbaar met de bewoners van de Hilversumse Geuzenbuurt. Lombok is inmiddels veranderd van een achterstandswijk naar een van de hipste wijken van Utrecht.

Ook de gemeente Amersfoort nam de achterkant van haar Centraal Station op de schop, met het Utrechtse Lombok als voorbeeld. In 2008 presenteerde de gemeente een plan om het Soesterkwartier aan te pakken: “De wijk zal het Utrechtse stadsdeel Lombok naar de kroon steken als hippe, multiculturele en creatieve uitloop van de binnenstad,” aldus toenmalig wethouder Arriën Kuyt tegen het Algemeen Dagblad. De wijk wordt stap voor stap populairder. De waarde van koopwoningen is flink gestegen. Waar de gemiddelde WOZ-waarde in 2017 nog 185.000 euro was, is dat in 2018 gestegen naar een gemiddelde van 205.000 euro.

In Hengelo is onlangs een aannemersbedrijf begonnen aan de herinrichting van de achterkant van het station, het Industrieplein. De wijken die aan het plein grenzen waren verloederd. De muren onder de graffiti en afval op straat. Het moet een plein worden met veel groen en water, ook komt er een skatepark. Het plein moet toegankelijker worden, fietsen verdwijnen naar een grote fietsenstalling. De gemeente Hengelo hoopt met de herindeling van het plein aan de achterkant van het station de aangrenzende wijken een boost te geven. Een vergelijkbare situatie is nu in Hilversum zichtbaar.

Als de bouwplannen van Station Hilversum goed uitpakken, zal het station misschien over een aantal jaren wel genomineerd worden voor de wedstrijd van het mooiste station van Nederland, georganiseerd door de NS. Dit jaar ging het station van Groningen er met de prijs vandoor. Het centrale station van Utrecht eindigde op de vijfde plek.