De Hilversumse stichting ‘Schreeuw om Leven’ is een christelijke pro-life organisatie die zich bezighoudt met het levensbegin en levenseinde. De directeur Kees van Helden (53) is dan ook tegen abortus. “Met abortus ontneem je de toekomst en het leven van een ander.”

Op de achterkant van het visitekaartje van de directeur staat geciteerd: ‘Red degenen die ter dood gegrepen zijn; want zij wankelen ter doding zo gij u onthoudt’ Spreuken 24:11 uit de Bijbel. In de Bijbel staan geen specifieke teksten over abortus. “In de tijd dat het oude testament geschreven werd bestond abortus nog niet’, vertelt van Helden, “Wel stond er beschreven dat het maken van kinderoffers niet de bedoeling is. ‘Gij zult niet doden’ staat er in het oude testament. In het nieuwe testament staat de grootste opdracht beschreven die het oude testament overstijgtNamelijk dat we moeten omzien naar de naasten mensen in nood. Dat is een Bijbelse opdracht van ons.”

Om pro-life te zijn is het niet verplicht om christelijk te zijn. Zo zijn veel artsen en hoogleraren wel pro-life maar zeker niet altijd christelijk. “Het is dan wel lastiger om ze aan je te verbinden, omdat we een christelijke organisatie zijn. Als christen is het mijn opdracht om te kijken naar mensen in nood. Daarom zie je ook veel christelijke organisaties in Nederland. Schreeuw om Leven heeft ervoor gekozen om te kijken naar vrouwen die problemen ondervinden, omdatvelen vaakonder druk abortus moeten plegen. Daar komt onze christelijke plicht vandaan.” Volgens van Helden is de baarmoeder gemaakt om kinderen te baren, of je nu in de schepping gelooft of juist in de evolutie. Hij legt uit, “Wat je op scholen leert maakt niks uit. In allebei de versies is de baarmoeder gemaakt om een kindje negen maanden te laten groeien zodat hij of zij zelfstandig kan ademen en daarna leven. Op het moment dat je het kindje eerder uit de baarmoeder haalt is het logisch dat hij of zij doodgaat of schade oploopt. Dat is zowel bij de evolutie als de schepping zo bedoeld.”

Schreeuw om Leven kijkt naar de problemen achter een abortus. “Als je schulden hebt, dan heb je na een abortus nog steeds schulden. Heb je geen huis? Dan heb je na een abortus nog steeds geen huis. Heb je geen partner? dan heb je na een abortus nog steeds geen partner. Heb je een slechte relatie? Dan heb je na een abortus zeker een slechte relatie. Een abortus lost eigenlijk niks op. We moeten gaan kijken naar de problemen achter een abortus. Dat is voor mij absoluut een belangrijk punt. Dus door te zeggen van: Joh, we betalen jouw abortus, dan denk ik dat we als overheid maatschappelijk gefaald hebben.” De directeur vindt dat de overheid mee moet kijken naar de problemen. “Het kan niet zo zijn dat je een leven ontneemt, omdat je toevallig geen vierde zitplek op de achterbank hebt of dat je een vakantie gepland hebt en niet met een dikke buik op vakantie wilt.”

Hulpbus voor abortus centra’s
Door middel van een Hulpbus, wil de organisatie voor abortusklinieken hulp aan vrouwen bieden. De leden gaan dan in gesprek met de vrouwen in de hoop dat ze toch voor het kindje kiezen. “Vorige week zijn we bij een paar abortus centra’s begonnen met waken en hebben we tot drie keer toe een vrouw die zo in de problemen zat geholpen. Vaak zie je dat de vrouwen geen hulp krijgen van hun familie of partners. Zeker als we naar moslim meisjes kijken is het zeer moeilijk om te kiezen voor het kind. Eerwraak komt dan om de hoek kijken. Wij proberen dan met haar mee te kijken zodat ze toch haar baby op kan voeden.” Politieke partijen zoals PvdA, VVD, D66 en GroenLinks willen voorkomen dat de bus voor de abortusklinieken komt te staan. “Als een bouwvakker met reclame parkeert en hij betaald bij de parkeermeter, dan mag hij daar parkeren. Wij doen precies hetzelfde. We hoeven niet per se voor de deur te parkeren, maar kunnen ook een stukje verder op staan. Een vrouw die langs loopt mag zelf beslissen of ze wel of niet naar binnen gaat. Dit kan de overheid dus nooit tegen houden.”

Geen neutraal advies
In Nederland is het verplicht dat een vrouw minimaal vijf dagen bedenktijd heeft gehad voordat ze een abortus pleegt. “Deze bedenktijd is voor de vrouw zelf. In de jaarrapportage van de Wet afbreking zwangerschap zie je dat de meeste vrouwen rechtstreeks naar de abortuskliniek gaan en niet eerst langs een huisarts gaan. Op het moment dat ze bij een abortuskliniek komen moeten de vrouwen een formulier tekenen dat ze andere opties overwogen hebben. Dat wil niet zeggen dat je die besproken hebt met de huisarts.” Een abortuskliniek ontleent zijn bestaansrecht door het uitvoeren van abortussen en krijgen subsidie vanuit de overheid. “Dus de overheid betaalt 17 miljoen euro per jaar. Als de abortuskliniek kan kiezen tussen een abortus niet uitvoeren, dan zou dat zomaar eens een verschil zijn van 100 euro dat je van de overheid krijgt voor consult of 1000 euro voor het uitvoeren van de abortus met narcose en alle andere dingen erbij. Kan je dan nog een neutraal advies geven?”, de directeur haalt twijfelend zijn schouders op. “Nee ik denk van niet. Het is gewoon een commerciële instelling. Ze worden niet betaald door de verzekeringsmaatschappij maar door de subsidies.”

Schreeuw om Leven wordt gefinancierd door kerken en particulieren. “Kerken houden collectes, scholen houden acties en er zijn particulieren die geld overmaken.” Van dit geld betaalt de organisatie zes man personeel, een sponsorplan en de hulp die ze vrouwen aanbieden. “Als een vrouw abortus wil plegen vanwege financiëleredenen bieden we haar aan om een jaar lang alles te betalen voor het kind. Van de luiers en de kleding tot aan de babykamer. Als we vandaag een oproep doen hebben we meestal binnen twee uur alles ingezameld wat we nodig hebben voor de babykamer. Soms nieuw en soms tweedehands spullen die makkelijk herbruikbaar zijn. Hierdoor hebben we ruim de tijd om samen met de vrouw te kijken naar structurele oplossingen voor na dat ene jaar.”

Schandalige fout
De pro-life organisatie is bij het Ministerie van Volksgezondheid geweest om onze werkwijze te bespreken. “Wij willen onze wakers onderscheiden. Zij krijgen straks een identiteitssysteem waarmee onze leden bij de politie en overheid kunnen aantonen dat ze bij Schreeuw om Leven horen. “Er zijn zes verschillende organisaties actief in Nederland. Schreeuw om Leven is de grootste terwijl we maar bij zeven van de veertien abortuscentra ‘s staan.” Van Helden vindt dat de media vaak een verkeerd beeld schets van de demonstratie. “Wij worden afgerekend op het beeld wat de media ervan maakt. EenVandaag heeft een documentaire gemaakt over abortus demonstraties. Ze hebben een video van een Amerikaanse demonstratie gepakt en daarmee een hele schandalige en misleidende fout gemaakt. Het beeld is ter duiding van een demonstratie die steeds agressiever wordt, maar op het bord die de demonstranten vast houden staan de woorden: pro-life thats a lie. Dit is een demonstratie die juist abortus promoot. Ik ben het eens met EenVandaag hoor, dit is schandalig en dit moet nooit in Nederland gebeuren, maar dit is geen pro-life demonstratie. De kijkers zijn bewust op misleid.”

De wakers van Schreeuw om Leven staan zonder spandoeken en borden die stereotyperend zijn bij abortus demonstranten. Van Helden legt uit, “Wij staan er met twee man met alleen een visitekaartje en een klein boekje waar in negen verschillende talen wordt uitgelegd hoe de ontwikkeling van je kind is, hoe de abortusmethoden werken met de bijhorende gevolgen en wat voor hulp wij aanbieden.” Nederlandse abortus centra’s adverteren in landen zoals België, Duitsland, Frankrijk, Spanje, Portugal en Polen. In Nederland kan je namelijk tot 24 weken in de zwangerschap abortus plegen terwijl het in andere landen maar tot 12 weken is. “Niet Nederlandse burgers hebben ook geen vijf dagen bedenktijd. Ze vallen namelijk niet onder de Nederlandse wetgeving en ook niet onder de subsidie vanuit de overheid. Hierdoor moeten ze ook gelijk contant betalen voor de abortus bij de kliniek.”

 Grootste blunder die een feminist maakt
“Ik vind de ontwikkeling in Amerika zeer interessant. Als je kijk naar de nieuwe, strengere abortuswet in Alabama vind ik dat ze er net iets te ver in gaan als het gaat over de veiligheid van de moeder tijdens de zwangerschap. Ik hoop voor Nederland dat wij abortus kunnen afschaffen, maar er wel over kunnen praten als de moeder verkracht is. Dit wil niet zeggen dat ik dan achter abortus sta. Want je straft dan eigenlijk een kind met de doodstraf voor de misdaden van zijn vader.”

Veel feministen vinden dat mannen zich niet mogen bemoeien over het lichaam van een vrouw, maar volgens van Helden is dit de grootste fout die een feminist kan maken. “Haar lichaam is van haar, haar hoofd is van haar, haar buik is van haar en haar baarmoeder is van haar, dat is allemaal haar eigen lichaam. Maar in dat lichaam groeit een ander lichaam. Op het moment dat je zegt: Ik wil zelf beslissen of ik mijn zwangerschap afbreek omdat het mijn lichaam is, ontneem je het recht van degene die in het lichaam groeit. En als dat een meisje is, is het natuurlijk de grootste blunder die een feminist kan maken. Het feit is dat het een ander lichaam is, met een ander DNA, waarschijnlijk met een andere bloedgroep en met 50 procent kans op een ander geslacht.

De andere kant is dat de man, de partner, ook onderdeel van het geheel is.” Van Helden vertelt dat mannen vaak aan de verkeerde kant staan en voor een abortus zijn, omdat ze de verantwoordelijkheid niet willen. “Als een man zegt dat hij een abortus wil en de vrouw niet, wordt hij vaak tot ‘klootzak’ uitgemaakt omdat hij de vrouw onder druk zet. Maar als een vrouw een abortus wilten de man niet dan vinden de mensen dat het haar lichaam is en haar keuze. Dit is niet eerlijk. Het is net zoveel zijn kind als haar kind. Een vrouw loopt er dan misschien wel negen maanden mee, maar als ze het weg laat halen loopt ze er haar hele leven mee.”

Van Helden komt in zijn organisatie genoeg mensen tegen die een kinderwens hebben, maar zelf geen kinderen kunnen krijgen. Ze sturen mailtjes naar Schreeuw van Leven of staan voor de deur op de Ruitersweg. “Hoe kan het dat je aan de ene kant zo’n grote groep mensen hebt die met alle liefde kinderen willen en dit zelf niet kunnen baren en aan de andere kant een groep hebt waar kinderen ongewenst zijn. Kunnen wij deze twee groepen niet dichterbij elkaar brengen? Dat zou een mooi streven zijn.”