HILVERSUM – Het DigiTaalhuis Gooi is in april gestart met het helpen van mensen die problemen ervaren met taal. Het is een samenwerkingsverband tussen Gooise bibliotheken, Stichting Lezen & Schrijven, UWV, Versa Welzijn en het ROCvA. Mensen met zware taalachterstand kunnen terecht voor hulp, maar ook voor mensen die dagelijks kleine problemen ondervinden is er plek bij DigiTaalhuis Gooi. In september kwam het onderwerp weer in het nieuws toen bleek dat er op dit moment 2,5 miljoen mensen laaggeletterd zijn in Nederland en dat het geld dat beschikbaar is voor laaggeletterden de afgelopen tijd fors is gedaald. Kleinere gemeenten voelden dit door langere wachtlijsten voor cursussen en onvoldoende ondersteuning voor bibliotheken.

 Is laaggeletterdheid een groot probleem in Hilversum?
We weten uit de cijfers dat er een probleem moet zijn. Ongeveer 12% van de beroepsbevolking  tussen de 15 en 65 jaar is laaggeletterd. Dat zijn ongeveer 1,3 miljoen mensen en als je de 65 plussers meerekent kom je uit bij 2,5 miljoen mensen.

 Waar komt laaggeletterdheid vandaan bij autochtone Nederlanders?
Dat verschilt heel erg. Soms ligt het aan het vroegtijdig stoppen van een opleiding. Ook al heeft een persoon vroeger les gehad in taal, kunnen de taalvaardigheden snel afzwakken als bijvoorbeeld diegene zich een lange tijd in een niet echt taalrijke omgeving bevindt en dat in combinatie met het niet toepassen dan kan het snel achteruit gaan. Ook gaat de taalvaardigheid snel achteruit als iemand de 65 passeert.

Bestaan er taboes over het gaan naar een instantie zoals het DigiTaalhuis Gooi?
Ja, ligt eraan voor wie, voor Nederlanders die hier geboren en getogen zijn is laaggeletterd zijn soms wel een taboe. Dan is de stap om naar het DigiTaalhuis te gaan om hulp te vragen groot. De stap om hulp te vragen is soms moeilijk.

Hoe proberen jullie die stap naar hulp vragen makkelijker te maken?
Organisaties als Versa Welzijn, UWV en taalconsulenten van de gemeente verwijzen naar ons door als ze zien dat mensen last hebben van laaggeletterdheid. Zij maken het bespreekbaar, waardoor die stap naar hulp makkelijker wordt.

Wat zijn de problemen waar laaggeletterden tegen aanlopen?
Rondom gezondheidszorg zien we vaak problemen, zoals het lezen van de bijsluiters bij medicijnen. Maar ook het voorlezen aan (klein)kinderen en andere dagelijkse dingen vormen een probleem voor deze mensen.

Wordt er specifiek gekeken naar de problemen die de persoon heeft als hij in contact komt met jullie?
Ja, als er iemand wordt doorverwezen naar ons of zelf naar ons toe komt luisteren we als eerste heel goed naar iemands verhaal. Daarna schatten we het taalniveau van iemand met de taalconsulent. Dan bepalen we wat voor hulp de desbetreffende persoon nodig heeft. Dat kan bijvoorbeeld dan formele taalles in een klasje betekenen, maar voor mensen die eigenlijk alleen veel last ondervinden in het lezen van mails en het lezen van medicijnbijsluiters is een taalmaatje beter.

Is een taalmaatje een vrijwilliger?
Ja, en we hebben op dit moment erg veel aanmeldingen.

Hoe komt dat denkt u?
Het onderwerp laaggeletterdheid is de laatste tijd veel in het nieuws gekomen ook omtrent asielzoekers  die de taal willen leren. En je ziet dan dat mensen graag willen helpen en het is erg dankbaar werk.

 Wat is het belangrijkste doel dat jullie willen bereiken met het DigiTaalhuis Gooi?
Dat we samen met alle mensen die zich inzetten voor het DigiTaalhuis gooi zoveel mogelijk mensen kunnen helpen met laaggeletterdheid.