Dronken tieners, joelende jongemannen en groepen jongeren die winkeleigenaren lastigvallen; gemeente Hilversum heeft haar handen vol aan de jeugdoverlast. Enkele bekende plekken voor overlast zijn het Jac. P. Thijsseplein, de Kleine Driftbuurt en het Ooievaarplein in Hilversum Oost.

Gemeente Hilversum bereikte in juli van dit jaar een piekhoeveelheid aan overlastklachten. In de Raadsinformatiebrief, die de burgemeester op 6 september 2017 naar de gemeenteraad stuurde, stond dat er in die maand 110 klachten van overlast waren. Volgens een communicatieadviseur van de gemeente Hilversum is er inderdaad een trend dat de jeugdoverlast weer toeneemt. Dit was de afgelopen jaren minder, omdat jongeren vaker binnen zaten vanwege social media en gaming. Echter meldde de adviseur wel dat het aantal overlastmeldingen een erg grof meetinstrument is voor de jeugdoverlast, omdat de registratie flink kan worden beïnvloed door één actieve melder.

De gemeente is al een aantal maanden bezig met het aanpakken van de overlastklachten; “Als gemeente hebben we immers de regierol bij de aanpak van problematische jeugdgroepen,” zei de communicatieadviseur. Op 25 augustus meldde burgemeester Broertjes in een collegebrief naar leden van de gemeenteraad dat er een aantal extra acties zouden worden genomen ter bestrijding van de jeugdoverlast. Onder deze acties viel onder andere meer zichtbaarheid en aanwezigheid van de wijkagent, de buurtcoördinator en jeugdboa’s (buitengewone opsporingsambtenaren), een WhatsAppgroep van buurtbewoners en thuisgesprekken bij de overlastgevende jongeren en hun ouders.

De gemeente Hilversum is dus druk in de weer met het overlastprobleem en werkt aan verschillende plannen. Welke en hoeveel invloed deze plannen tot nu toe hebben is echter moeilijk te zeggen. “De inzet van de overheid heeft effect op de overlast en het aantal overlastmeldingen, maar harde conclusies over causale relaties kan geen enkele gemeente maken”, aldus de communicatieadviseur van gemeente Hilversum.