“Toen ik de kamer van koophandel uit liep dacht ik: `Waar ben ik in godsnaam aan begonnen?’” Jacqueline Rempt (58) besloot na de dood van haar moeder alles over een andere boeg te gooien. Zonder enige ondernemerservaring besloot ze samen met haar man een dementiewinkel op te zetten. “Ik was gewend meerdere jarenplannen op te zetten, marktonderzoek was heilig. Nu doe ik alles op gevoel.”

“Op 81-jarige leeftijd overleed mijn moeder na tien jaar aan dementie te hebben geleden. Mijn schoonvader overleed op vergelijkbare leeftijd. Toen de dementie zich ontwikkelde leek het goed te gaan. Dat veranderde toen ze getroffen werd door een herseninfarct en halfzijdig verlamd raakte. Mijn man Joris en ik besloten mijn moeder over te plaatsen naar een verzorgingstehuis op twee minuten fietsen van ons huis. Daar kraamde ze constant een soort klaagzang, een soort gejammer uit. Omdat we niet wilden dat ze andere mensen tot last was, brachten we haar naar haar kamer en creëerden een prikkelarme omgeving. Later ben ik pas gaan beseffen dat dit juist contraproductief heeft gewerkt.

De hersenen van iemand met dementie rollen zich als het ware terug. De meest recente herinneringen verdwijnen het eerst uit het geheugen. Het langetermijngeheugen blijft langer intact. Ook krijgen dementerende hersenen te weinig statische prikkels. Door een kamer te vullen met dynamische prikkels, bewegende beelden, kan dit tekort worden opgevuld.

Het gejammer is waarschijnlijk veroorzaakt doordat mijn moeder zelf dynamische prikkels voor de hersenen probeerde te maken. Hier kwam ik na de dood van mijn moeder achter maar ik had dit graag eerder geweten. Ik denk dat mijn moeder baat zou hebben gehad bij een lamp die bewegende beelden op het plafond projecteert of een klok die taken kan meedelen.

Tijdens de ziekte van mijn moeder was ik al op zoek naar producten om haar leven langer gelukkig te maken. Online vond ik verscheidene producten maar deze producten stonden allemaal onder verschillende websites en ook de kennis over dementie was heel fragmentarisch. Na de dood van mijn moeder had ik het idee om een centrale plek te creëren voor dementieproducten inclusief informatieboeken.

Ik kwam in contact met Anneke van der Plas en haar zoon Peter Peltzer. Anneke is een expert op het gebied van dementie en heeft verscheidene boeken geschreven. Peter was psychiatrisch verpleegkundige en had de website `dementiewinkel’ opgezet. Tot dan focuste de winkel voornamelijk op fysieke producten die ziekenhuizen leefbaarder maakten voor mensen met dementie. De winkel was voor Peter een blok aan het been omdat hij ook nog werk had naast de winkel. Een gesprek met Anneke en Peter volgde en we voelden een goede klik. Mijn man en ik besloten, tot grote opluchting van Peter, de winkel over te nemen.

Ik weet nog dat ik de Kamer van Koophandel uitliep en dacht: `Waar zijn we in godsnaam aan begonnen?’ Hier voor had ik alleen ervaring als marketingdirecteur. Ik was gewend om jarenplannen te schrijven. Meerdere jaren vooruit denken, een heldere strategie, een doelstelling. Zonder marktonderzoek was je nergens. Nu doe ik alles op gevoel. Ook leuk. Leuker misschien zelfs, samen met mijn man kan ik snel beslissingen maken. Beslissingen die bij grote multinationals misschien langer dan een half jaar in beslag zouden nemen.

Toen we begonnen met de winkel besloten we om samen met Anneke de focus van de winkel te verbreden. Naast fysieke producten om mensen te helpen, boden we ook veel informatieboekjes aan. De boekjes van Anneke zijn de enige producten die we op voorraad hebben liggen. De andere producten zijn bij de leveranciers. Zodra wij een order binnen krijgen sturen wij een berichtje naar de leverancier. ‘Stuur jij dit product naar een bepaald adres en stuur ons de factuur.’ Zo lopen we weinig risico dat we met producten blijven zitten. Over de factuur rekenen wij een kleine winstmarge.

Ik vind het erg lastig, winst rekenen over producten. Aan de ene kant wil je de producten zo goedkoop mogelijk aanbieden en zoveel mogelijk mensen helpen, aan de andere kant zijn mijn man en ik allebei meer dan fulltime bezig met de winkel en moeten we natuurlijk ook zorgen dat we ons huis kunnen betalen. Door een kleine winstmarge te rekenen denk ik dat we het juiste doen.

Voor het eerst in mijn loopbaan kan ik een verschil maken in de maatschappij en dat voelt ontzettend goed.”