Om kwart over een is er al een luid geroezemoes te horen. Meer dan twintig mensen staan al in de welkomstruimte van Theater Santbergen. Mensen drinken koffie en thee en de eerste discussies zijn al begonnen. Iedereen is klaar om hun middag toe te wijden aan de van het spoorzone gebied met postcode 1221.

Aan het einde van de middag opent wethouder Floris Voorink de eindbespreking. De bewoners en ontwikkelaars zijn hiervoor weer bij elkaar gekomen om te laten zien wat eerder in de middag besproken is. “Dat de discussie hier zo losbarst vind ik een goede zaak, normaal komen deze discussies namelijk altijd te laat, wanneer de bouw al begonnen is. Dit is de eerste keer in mijn vijf jaar als wethouder dat het op deze manier wordt aangepakt en dat is vernieuwend,” aldus wethouder Voorink.

Het begin van de middag ziet er anders uit. Door de ontvangstkamer heen zijn tekeningen opgehangen van woon en werk ‘flats’. Ze verschillen in hoogte, vorm en kleur en zijn ontwikkeld voor de verschillende buurten met postcode 1221. De tekeningen zijn eventuele gebouwen die op basis van de vorige werkgroep is gemaakt. Om half twee leidt Edwin van Uum, die door de gemeente is ingehuurd om deze werkgroepen te leiden, iedereen naar de theaterzaal en begint het pas echt.

Rustig zoekt de menigte een plekje uit op de tribune, waar Van Uum begint met het welkom heten. Al snel stelt hij voor dat iedereen zich verplaatst naar het podium. “Anders zijn wij de acteurs en jullie het publiek, dat is ook niet de bedoeling.” Om te kijken of de belangrijkste punten van de vorige werkgroep goed begrepen zijn, benoemt van Uum de doelen van elke wijk nog eens. Ze zijn opgeschreven op grote papieren met permanent marker, het lijken wel posters.

De Geuzenwijk komt als eerste aan bod en bewoners zijn het wel met de doelen eens, maar hebben nog een hoop dingen toe te voegen. Zo zijn er verkeerde opvattingen over de vergroening van de wijk, wat volgens de bewoners zeker moet gebeuren, terwijl er als kernambitie juist geen vergroening staat.

De Elektrobuurt is als tweede aan de beurt, waar de mensen op het eerste gezicht niks aan te merken hebben op de gemaakte doelen. Ze willen graag meer sociale cohesie creëren en meer groen in de buurt. Toch, wanneer er blijkt dat er hier gebouwd moet gaan worden, beginnen er protesten uit te breken. De bewoners vinden de buurt al overbevolkt en ruimte voor nieuwe woningen zou er niet zijn.

Ten slotte is er nog de Kleine Drift. Op de richtlijnen van deze buurt barsten er direct reacties los. Plekken die niet gecombineerd zouden moeten worden, zijn dat wel, hoe zit het met de parkeerproblemen en ook het verkeer zou te gevaarlijk zijn. Martin Triebels, een bewoner van de Kleine Drift, stelt de vraag die iedereen lijkt te denken: “Maar wat zegt dit over mijn buurt?” Een concreet antwoord is er niet.

De bewoners mening is wel van belang, tijdens de ‘vergadering’ passen mensen de doelen aan met een rode stift, zodat de nieuwe, toegevoegde suggesties duidelijk te zien zijn. Van Uum kijkt samen met de ontwikkelaars en bewoners nog een keer naar de toevoegingen, zodat het zeker is dat ze nu wel goed zijn.

Na deze eerste ronde scheiden de wegen van de ontwikkelaars en bewoners rond half drie , om allebei nog eens kritisch te kijken. Hiervoor hebben ze ongeveer anderhalf uur. De ontwikkelaars verzamelen in de welkomstruimte. Elke architect krijgt de tijd om zijn of haar verhaal te doen over hun ontwerp. De architecten krijgen kritische vragen. Ook kijkt de groep naar dingen die nog meer onderzoek vergen, voordat er concretere plannen gemaakt kunnen worden.

Bij de bewoners gaat het er anders aan toe. Verdeeld in buurten bespreken ze aan de hand van een kaart dingen die verbeterd moeten worden. Na ongeveer een half uur voegen de buurten weer samen, om uit beide ondervindingen tot concrete doelen te komen. Marije Drost, programmamanager Spoorzone, Centrum en Economie in Hilversum vindt het een goed concept en heeft ook echt het gevoel dat de bewoners invloed hebben. “Ondanks dat is het een kwestie van geven en nemen, niet iedereen kan zijn zin krijgen, dat is onmogelijk.” Frances van Koten, gemeenteambtenaar Mobiliteit en Milieu luistert mee. “Eigenlijk zeggen beide buurten hetzelfde: parkeren is een probleem, er moet meer groen komen en veiligheid.” Ook Oscar Jansen, ambtenaar Duurzaamheid en Energietransitie, hoort dit terug.

Om vier uur voegen de ontwikkelaars en bewoners zich weer samen voor de eindbespreking. Beide partijen komen aan de orde om hun zegje te doen, maar dat roept ook discussies op. Mensen willen graag lucht blijven zien, terwijl ontwikkelaars de hoogte in willen om andere wensen de ruimte te geven. “Het ligt gevoelig, toch vind ik dit wel heel leuk. Bouwen in een bestaande omgeving doet iets,” aldus Voorink.

Van Uum sluit de werkgroep af om 5 uur, hij vertelt over de volgende bijeenkomst op 6 december en nodigt bewoners en ontwikkelaars uit om nog even na te praten. Ook vat hij de dag kort samen. Sommige mensen blijven hangen, anderen nemen snel de benen, maar een gebeurtenisvolle dag was het zeker.